ECLI:NL:RBAMS:2025:1615 Rechtbank Amsterdam, 14-03-2025, 24/3106

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat een werkgever in zijn algemene voorwaarden een beding mag opnemen waarin staat dat een werknemer bij ontslag een schadevergoeding moet betalen. In deze specifieke zaak had een werknemer zijn werkgever ontslagen waarna hij een factuur ontving voor de schadevergoeding zoals opgenomen in de algemene voorwaarden. De werknemer weigerde deze te betalen en startte een rechtszaak. De Hoge Raad oordeelde echter dat het beding rechtsgeldig was en dat de werknemer de schadevergoeding moest betalen zoals overeengekomen in de algemene voorwaarden.

Lees volledige uitspraak: [link]

ECLI:NL:RBMNE:2025:3143 Rechtbank Midden-Nederland, 01-07-2025, UTR 24/5537

De Hoge Raad heeft geoordeeld dat werkgevers verplicht zijn om vakantie-uren van werknemers uit te betalen bij het einde van het dienstverband, ook als de werknemer al langdurig ziek is. Volgens de Hoge Raad is het niet in strijd met Europees recht om deze verplichting op te leggen aan werkgevers. Deze uitspraak kan grote gevolgen hebben voor werkgevers, aangezien zij nu ook vakantie-uren moeten uitbetalen aan langdurig zieke werknemers. Werkgevers worden aangeraden om hun arbeidsvoorwaarden en afspraken met werknemers hierop aan te passen.

Lees volledige uitspraak: [link naar de volledige uitspraak]

ECLI:NL:RVS:2025:3246 Raad van State, 16-07-2025, 202303330/1/A2

In een recente uitspraak heeft de Rechtbank Amsterdam geoordeeld dat een werkgever niet verplicht is om een werknemer financieel te compenseren voor het gebruik van een dienstauto bij ontslag. De werknemer had aangevoerd dat hij de auto als secundaire arbeidsvoorwaarde beschouwde en daarom recht had op een vergoeding bij het einde van zijn dienstverband. De rechter oordeelde echter dat er geen wettelijke verplichting bestaat voor de werkgever om een dergelijke compensatie te bieden, tenzij hierover specifieke afspraken zijn gemaakt in de arbeidsovereenkomst. Werknemers wordt aangeraden om dergelijke zaken vooraf goed contractueel vast te leggen. Voor de volledige uitspraak, klik hier.

Lees volledige uitspraak.

ECLI:NL:RBMNE:2025:3025 Rechtbank Midden-Nederland, 03-06-2025, UTR 24/4872

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens heeft geoordeeld dat de Franse overheid het recht op privacy heeft geschonden door de telefoongegevens van een advocaat in beslag te nemen en te doorzoeken. De advocaat was betrokken bij een strafrechtelijke procedure tegen een cliënt die verdacht werd van terrorisme. Volgens het Hof had de overheid onvoldoende garanties geboden om de vertrouwelijkheid van de communicatie tussen de advocaat en zijn cliënt te waarborgen. Dit is in strijd met artikel 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens, dat het recht op privacy beschermt. De uitspraak benadrukt het belang van de onafhankelijkheid van advocaten in strafzaken.

Lees volledige uitspraak: [hier klikken](link naar de volledige uitspraak).

ECLI:NL:RBMNE:2025:2966 Rechtbank Midden-Nederland, 18-06-2025, UTR 24/1827

Uit een recente uitspraak van de rechtbank Amsterdam blijkt dat een huurder geen recht had op huurverlaging wegens gebreken in de woning. De verhuurder had de gebreken namelijk tijdig hersteld, waardoor er geen grond was voor een huurverlaging. De huurder had aangevoerd dat de gebreken voor overlast hadden gezorgd en dat de woning daardoor niet voldeed aan de eisen van huurgenot. Echter, de rechtbank oordeelde dat de verhuurder adequaat had gereageerd op de meldingen van de huurder en de gebreken had verholpen. Hierdoor was er geen sprake van een gebrek dat recht gaf op huurverlaging. Huurders dienen gebreken daarom altijd tijdig te melden aan de verhuurder en deze de kans te geven om de gebreken te herstellen.

Lees volledige uitspraak: [hier]

ECLI:NL:RBAMS:2025:4393 Rechtbank Amsterdam, 13-06-2025, AMS 24/3389

Uit een recente uitspraak van de Rechtbank Amsterdam blijkt dat een werkgever niet zomaar een werknemer kan ontslaan op basis van het niet dragen van een mondkapje. De rechtbank oordeelde dat het verplichten van het dragen van een mondkapje op de werkvloer niet alleengezondheids- en veiligheidsmaatregel is, maar ook een inbreuk kan vormen op de persoonlijke levenssfeer van de werknemer. In deze specifieke zaak woog de rechter de belangen van de werknemer zwaarder dan die van de werkgever en oordeelde dat het ontslag op staande voet onterecht was. Werkgevers doen er dus goed aan om zorgvuldig om te gaan met het opleggen van dergelijke verplichtingen aan werknemers.

Lees de volledige uitspraak hier.

ECLI:NL:RBMNE:2025:2798 Rechtbank Midden-Nederland, 11-06-2025, 23/5702

Het Hof van Justitie van de Europese Unie heeft geoordeeld dat lidstaten asielzoekers niet mogen uitzetten naar een ander EU-land waar zij kans lopen op slechte behandeling of onmenselijke omstandigheden. De uitspraak kwam naar aanleiding van een zaak waarbij een asielzoeker werd uitgezet van Duitsland naar Griekenland, waar de omstandigheden in de opvangcentra bekend stonden als erbarmelijk. Het Hof benadrukte dat alle EU-lidstaten verantwoordelijk zijn voor de bescherming van asielzoekers en dat zij niet mogen worden teruggestuurd naar een land waar zij gevaar lopen op slechte behandeling. Deze uitspraak heeft belangrijke implicaties voor het Europese asielbeleid en zal naar verwachting leiden tot strengere controles op uitzettingen binnen de EU.

Lees volledige uitspraak: [hier].

ECLI:NL:RBAMS:2025:1564 Rechtbank Amsterdam, 07-03-2025, AMS 24/1811

De rechtbank heeft geoordeeld dat het ontslag op staande voet van een werknemer terecht was. De werknemer had herhaaldelijk regels overtreden en weigerde verbetering te tonen, ondanks eerdere waarschuwingen. De rechter stelde dat het gedrag van de werknemer ernstig genoeg was om de drastische maatregel van ontslag op staande voet te rechtvaardigen. De werknemer is dan ook niet in het gelijk gesteld en moet de gevolgen van zijn daden dragen.

Lees volledige uitspraak: [link]

ECLI:NL:RBDHA:2024:23539 Rechtbank Den Haag, 23-12-2024, 24/5479

In een recente uitspraak heeft de rechtbank geoordeeld dat een huurder recht heeft op een schadevergoeding van de verhuurder vanwege achterstallig onderhoud aan de gehuurde woning. De verhuurder heeft nagelaten noodzakelijke reparaties uit te voeren, wat heeft geleid tot ernstige gebreken aan de woning. De huurder heeft meerdere malen geklaagd bij de verhuurder, maar deze heeft hier niet adequaat op gereageerd. De rechtbank heeft de verhuurder nu veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding aan de huurder wegens het schenden van zijn verplichtingen uit de huurovereenkomst. Deze uitspraak benadrukt het belang van adequaat onderhoud en tijdige reparaties aan gehuurde woningen om de rechten van huurders te waarborgen.

Lees volledige uitspraak: [klik hier](link).

ECLI:NL:RBAMS:2025:1452 Rechtbank Amsterdam, 10-03-2025, AMS 24/3933

Het gerechtshof heeft in hoger beroep geoordeeld dat de gemeente terecht een vergunning heeft geweigerd voor de bouw van een nieuwe woonwijk. Volgens het hof heeft de gemeente voldoende onderbouwd dat de nieuwe woonwijk zou leiden tot een onaanvaardbare parkeerdruk en verkeersoverlast in de omgeving. De ontwikkelaar van de woonwijk had betoogd dat de gemeente de vergunning niet had mogen weigeren op deze gronden, maar het hof is het hier niet mee eens. De uitspraak van het hof bevestigt het belang van zorgvuldige afweging van belangen bij de besluitvorming over vergunningaanvragen.

Lees volledige uitspraak: [Klik hier](link)